Mosselen of mossels?

Mosselen of mossels? Taal- of gevoelskwestie?

Mossels, mosselen. Iets andere spelling, zelfde betekenis. Maar met een ander gevoel. Taal, en vooral ermee spelen, is heerlijk. Ik ga daar soms best ver in: want hoe je iets zegt of schrijft kan iets maken of kraken.

Gaat dit écht over een taalkwestie? Nou, misschien is het wel een gevoelskwestie. Het is in elk geval heerlijk leesvoer, ronduit vermakelijk. Ik neem je mee in een heerlijke (deels zinloze en hongerige) discussie die ik er op Facebook over voerde. Vervolgens vermaak ik je met de meningen die mijn redacteur en ik erover uitwisselden tijdens de redactie van mijn boek ‘Meerminnen verdrinken niet’. En ik vertel je welke keuze we uiteindelijk maakten: mosselen of mossels.

Je wilt het nu weten, hè? Geef het maar toe 😉 .


To-may-to, to-mah-to

‘Mossels, mosselen. Iets andere spelling, zelfde betekenis. Maar met een ander gevoel. Taal, en vooral ermee spelen, is heerlijk.’

Zo begon ik in juni 2019 een Facebookpost. Ik postte er een ‘tomato, tomato’ plaatje bij en hoopte zo een ware ‘storm’ van reacties los te maken. Allereerst kwam er een reactie van een Zeeuwse mosselliefhebber: ‘Voor mij klinken mossels gewoon veel lekkerder.’
‘Aha!’ – dacht ik. ‘Precies mijn idee.’
Een ander deelde meteen een gifje van een mosselpan met stomende mossels (of mosselen?) met het onderschrift: ‘Lekkerrrr’.
Leuk, natuurlijk. Maar dat waren niet de antwoorden waar ik op had gehoopt. Ik wilde wat ontketenen. Een ware taalrevolutie.


Taalfetesjist: mosselen ?

Gelukkig waren de eerste reacties de stilte voor de storm. Tot mijn grote vreugde waren er aardig wat taalfetisjisten onder mijn Facebookvrienden. Zoals de uitgeefster van mijn boeken. ‘Mosselen’, antwoordde ze.
Ik antwoordde met: ‘Neen, het is in mijn nieuwe boek toch echt vaak ‘mossels’. In Bruinisse, waar het verhaal zich afspeelt, zal niemand ‘mosselen’ zeggen.’
Er reageerde (nog een) Vlaming: ‘In Brugge zijn het ‘mussels’.
Mijn uitgeefster reageerde daarop met: ‘Honger’.
Aiaiai, daar verviel het gesprek weer in discussies over eten.
‘Mosselen,’ reageerde toen iemand. ‘Dat klinkt veel netter. Het hoort meer in een boek thuis, het is meer schrijftaal dan ‘mossels’’.

Gekookte mosselen
De lekkerste gekookte mossels, volgens het recept van mijn moeder.

De Van Dale: mosselen of mossels

Ik was natuurlijk al veel langer met ‘mosselen’ en ‘mossels’ aan het spelen (vat dat niet verkeerd op, alsjeblieft) in mijn verhaal. En ik had er al een sterk gevoel bij. Toch brachten de Facebookreacties mij enigszins aan het twijfelen.

Dus ik raadpleegde de online van Dale.

Dat maakte me niks wijzer.

Dus ik raadpleegde de enorm dikke, loodzware, bordeaux rode, échte hardcover Van Dale (erfenis van mijn opa en oma Maaskant, uitgave van 1976).

mos’sel, v. (m.) (-s, -en)

Oei.

Vervolgens kwam er een slaapverwekkende, wikipedia-achtige uitleg, maar dan droger. En dan een paar essentiële voorbeelden:

‘De mosselen doen de vis afslaan’ (door mededinging wordt de zaak goedkoper).

‘Mossels roepen eer ze aan de kant zijn’ (de huid van de beer verkopen, eer hij geschoten is).

Oké, dan.

Echt niks wijzer.

Gebakken mosselen
De lekkerste gebakken mosselen. Mmm…

Mosselen, mossels: een verschil?

Als kleindochter van een mosselschepenbouwer, als auteur van een boek dat een ode aan de mosselvisserij is, als kind dat opgroeide in een mosselvissersdorp: ja, er is een verschil. Maar het is geen taalkwestie. Want het mag allebei. Het is dus een gevoelskwestie. In mijn geval een zeer gevoelige, heftige gevoelskwestie. Ik licht hier even iets extra’s voor je toe: als je hieronder het woord ‘Bruënaar’ of ‘Bruus’ ziet, dan zijn dat respectievelijk de inwoners van en het dialect van het mosselvissersdorp waar ‘Meerminnen verdrinken niet’ zich afspeelt.

Een mossel en ik.

Mijn – ontzettend fijne – redacteur plaatste de volgende opmerking in de kantlijn van het manuscript van mijn boek:

‘Ik las op Facebook dat mosselen/mossels voor jou een andere betekenis heeft 😉 Waar ligt het verschil in betekenis dan? Bijvoorbeeld: als Bruënaars aan het woord zijn, dan is het mossels en als het woord gewoon in het verhaal gebruikt wordt, dan mosselen, zoals hier? Ik duid het overal aan in het geel waar ik dan twijfel of het niet mosselen moet zijn. Je moet dan maar zien of je het nog wilt aanpassen. MAAR als er voor jou geen betekenisverschil is, dan stel ik toch voor om consequent voor één vorm te kiezen. Ze zijn allebei correct, dus als jouw voorkeur gaat naar ‘mossels’, dan zou ik er overal ‘mossels’ van maken.’

Ik reageerde daarop met:

Ja, er is voor de Bruënaar een onderscheid. Als er, zoals hier, ‘literair’ over mosselen wordt gesproken en over mosselen in de zee, dan is dat voor mijn gevoel ‘mosselen’. Een Bruënaar eet absoluut geen mosselen, maar mossels. En een Bruënaar vist ook op mossels. Op deze specifieke plek moet het wel mosselen zijn, ik ga reageren op al jouw ‘twijfelgevallen’. Consequent voor één vorm kiezen kan eigenlijk niet.

Mosselen of mossels?
Mosselen of mossels? Taal- of gevoelskwestie?

Mosselen, mossels: de keuze

Ik maakte dus, afhankelijk van waar de tekst over ging, telkens een keuze tussen ‘mossels’ of ‘mosselen’. Dat kan natuurlijk niet altijd. Het is vaak mooier, zoals mijn redacteur aangaf, om voor één vorm te kiezen. Echter vond ik dat hier, in een boek over de mosselvisserij, dat zich afspeelt in een dorp waar dialect wordt gesproken, niet kunnen. Als je het boek leest zul je waarschijnlijk wel begrijpen waarom.

Een open mossel (verstopt op de voorzijde van het boek ‘Meerminnen verdrinken niet‘).

Taalpolitie?

Misschien moet ik wel bij de taalpolitie gaan solliciteren. Ik kan me soms ongelofelijk druk maken over één woord. Woorden roepen vaak heel heftige reacties bij me op. Ik haat soms een hele zin vanwege een woord. Dan moet de hele zin op de schop, of alleen dat ene woord. Ik ben fervent gebruiker en liefhebber van synoniemen.net en encyclo.nl. To-may-to, to-ma-to. Kom niet aan mijn mossels. Eh mosselen. En begrijp me niet verkeerd. Woorden zijn heel krachtig. Taal is geweldig.

Mijn dochter Bo (hier vier jaar oud) maakt mossels schoon met ‘oma Bru’.

Mmm… mosselrecepten

Psst. Zoek je de beste mosselrecepten? Kijk dan eens bij de zoute recepten.

Over Saskia Maaskant

Ik groeide op in mosselvissersdorp Bruinisse en woonde daar tot mijn 27ste. Ik lust mosselen gekookt, gebakken, gegratineerd en in het zuur. Zomer 2020 verscheen mijn historische roman 'Meerminnen verdrinken niet'. Over een stormramp, een mosselvissersdorp en een meisje. Het boek werd bijzonder goed ontvangen. Het werd o.a. getipt door de Jonge Jury en door Martine Letterie 'De parel van 2020' genoemd in de eindejaarsaflevering van de GVP (de Grote Vriendelijke Podcast). Al in oktober 2020 kwam de herdruk. In 2021 vier ik mijn tienjarig jubileum als auteur! Mijn tweede roman 'Kieuw' (2013) kreeg een eervolle vermelding voor de Gouden Lijst en kreeg de Accolade voor het beste Zeeuwse Jeugdboek. Mijn derde roman 'Dromer' (2016) won de Kleine Cervantes 2018.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

2 × 1 =